Weigering van Covid-19 vaccinatie leidt tot ontslag

23/07/2021

Onlangs heeft het Gerecht in Eerste Aanleg te Curaçao zich voor het eerst uitgelaten over de vraag in hoeverre een werkgever een werknemer, al dan niet indirect, kan verplichten tot het vaccineren tegen Covid-19 en – in het verlengde daarvan – of de weigering van een werknemer om zich te laten vaccineren een dringende reden voor ontslag op staande voet oplevert. In deze zaak heeft een werkgever een van haar werknemers op staande voet ontslagen, omdat zij zich niet tegen Covid-19 wilde laten vaccineren.

In de beoordeling stelt het gerecht voorop dat een wettelijke vaccinatieplicht tegen Covid-19 niet bestaat. Dit betekent dat het enkele feit dat de werknemer zich niet wil laten vaccineren niet genoeg is om haar te ontslaan. Het niet vaccineren behoort tot het recht op onaantastbaarheid van het menselijk lichaam en het recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van de werknemer. Dit zijn grondrechten, die in beginsel door de werkgever dienen te worden gerespecteerd.

Er mag wel een inbreuk worden gemaakt op deze grondrechten bij het voldoen aan drie vereisten: noodzakelijkheid, proportionaliteit en subsidiariteit. Ten eerste is de inbreuk noodzakelijk als het een legitiem doel dient of een geschikt middel is om het doel te bereiken. Er rust er een wettelijke plicht op de werkgever om zijn personeel en derden te beschermen tegen een Covid-19 besmetting, welke bijdraagt aan het antwoord op de vraag of er een legitiem doel voor het ontslag is. Ten tweede is de inbreuk proportioneel als de inbreuk evenredig is aan het doel. Aan het laatste vereiste van subsidiariteit wordt voldaan als het doel niet op een minder ingrijpende wijze kan worden bereikt. 

Naar het oordeel van het gerecht is in dit specifieke geval niet gebleken van omstandigheden die maken dat een inbreuk op de grondrechten van de werknemer gerechtvaardigd is. Het kantoor van de werkgever was slechts een beperkt aantal uren per dag bezet door zowel de werknemer en haar collega. Het blootstellingsrisico was daardoor beperkt. Voorts was bezoek door derden aan het kantoor minimaal en had er geen overleg met de werknemer plaatsgevonden over de mogelijkheden om het besmettingsrisico te beperken. Nu het ontslag op staande voet een ultimum remedium is en er geen wettelijke vaccinatieplicht bestaat, leidt de weigering tot vaccineren in dit geval niet tot een dringende reden. Het ontslag op staande voet is nietig.

Het (voorwaardelijke) verzoek van de werkgever om de arbeidsovereenkomst te ontbinden wegens een verandering van omstandigheden wordt echter wél toegewezen. De Covid-19 pandemie heeft op meerdere fronten de verhoudingen op scherp gezet. Het recht van de werknemer op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer en lichamelijke integriteit kan haaks staan op het belang van de werkgever om zichzelf, zijn werknemers en derden op de werkvloer tegen een besmetting te beschermen. De omstandigheden kunnen dan met zich meebrengen dat voortzetting van de arbeidsrelatie niet meer haalbaar is.

In casu is van belang dat werkgever de gehele bedrijfsvoering heeft aangepast door een oprechte angst van de andere medewerkers voor een Covid-19 besmetting en om het risico op een besmetting van het virus te voorkomen. Voorts is de werknemer – hoewel een ontbinding voor haar vergaande consequenties heeft – jong en heeft zij middels haar werkgever een gedegen opleiding genoten. Ze heeft zodoende goede kansen op de arbeidsmarkt.

Volgens het gerecht is voldoende aannemelijk geworden dat sprake is van een verandering in de omstandigheden die tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst dient te leiden.

Concluderend, kan een werkgever een werknemer, al dan niet indirect, verplichten zich te laten vaccineren? Het antwoord lijkt te zijn: ja, mits met het oog op de specifieke omstandigheden van het geval wordt voldaan aan de drie vereisten: noodzakelijkheid, proportionaliteit en subsidiariteit. Voorts kan de weigering van een werknemer om zich te laten vaccineren in bepaalde gevallen leiden tot een verandering in omstandigheden op basis waarvan voortzetting van de arbeidsrelatie niet meer haalbaar is.

Heeft u vragen over deze uitspraak of wilt u hierover van gedachten wisselen? Schroom niet om contact met ons op te nemen:

isabelle.spigt@spigtdc.com gabrielle.merselina@spigtdc.com

Contact

P +5999 461 8700

F +5999 461 8073
info@spigtdc.com

Scharlooweg 33
Willemstad
Curaçao

Route

© 2021 Spigt Dutch Caribbean NV.
Algemene voorwaarden

Ranked in Chambers and Partners Global Member of Terralex Worldwide Law Network